Bob Walberg
Bob Walbergsite founder
Ik ben Bob Walberg geboren 9 februari 1961. Ik ben eigenlijk al vanaf mijn 14e met cactussen bezig. Dat ging in de begin jaren natuurlijk niet lekker met name in de winter. Dat probleem heb ik eigenlijk altijd gehad. In 1978 begon ik met Tephrocactussen. Deze zijn tegenwoordig in meerdere geslachten ondergebracht. Omdat veel van deze soort planten ook vorstbestendig zijn en aanzienlijk sneller groeien dan andere cactussen heb ik voor deze soorten gekozen. Ik ben in mijn leven geregeld verhuist, problemen met werk en daardoor ben ik sinds 2015 pas weer opnieuw begonnen met deze hobby. Hoop dat ik deze keer langer er mee door kan gaan. Met deze site wil ik voor beginners wat meer info geven omdat deze groep toch wat minder in de belangstelling staat. Ook wil ik laten zien hoe planten groeien in cultuur en zal daarom ook geregeld laten zien door foto’s hoe de groei is in de loop van de tijd. De foto’s zijn aangepast op formaat voor het internet. Op Flickr zal ik de volledige maat neerzetten voor de liefhebber.
Maihueniopsis zijn meestal de meest zuidelijk groeiende planten met name Patagonie, het zuiden van Argentinie en Chilie. Uitgestrekt tot aan de 52e breedtegraat hebben ze eigenlijk het meeste gemeen met ons klimaat zij het dan dat Zuid Amerika over het algemeen aanzienlijk droger is dan Nederland en de rest van Europa. In tegenstelling tot de Noord Amerikaanse opuntia’s moet je nagenoeg alle geslachten van het zuidelijk halfrond droog overwinteren. Veel maihueniopsis soorten kunnen wel veel vorst verdragen. Maihueniopsis groeit snel al deze voldoende ruimte krijgt. Zie cultuur. Maihuenia in de zomer buiten, te hoge warmte remt de groei.
Cumulopuntia’s verschillen van de Maihueniopsis met name doordat Cumulopuntia’s vaak op grotere hoogte groeien. Weliswaar dan vaak dus ook geen hoge temperaturen verdragen maar daarentegen wel veel zon in de natuur krijgen, daardoor zijn deze planten vaak bij ons toch wat minder behaard of bedoornd. Meestal echter ook weer dichter naar de Evenaar. Cumuls groeien tot op hoogtes van 5600 meter. In de praktijk vaak wat minder gemakkelijk dan de Maihueniopsis soorten.
Pterocactussen zijn de meest zuidelijkst voorkomende soort. Verdraagt veel koude maar groeit vaak zeer langzaam en zijn zeer compact. Bijzonder kenmerk is het ondergrondse deel van de plant. Een soort van knol. Dus ook hier voldoende ruimte geven. Diepe potten.
Tephrocactussen was voorheen de verzamelnaam van alle besproken soorten. Nu is het een kleine groep die in het (met name ’s zomers) bloedhete steppe of woestijn groeien. Tephro’s moeten om te groeien in de kas staan, komen met name in Argentinie (in Mendoza wordt het soms wel 40 graden). Op dit moment wacht ik nog even met deze groep vanwege de beperkte omstandigheden bij mij zoals een goede kas en beperkte vorstbestendigheid. Echter bevat deze groep juweeltjes van planten zoals de Tephrocactus syringacanthus (voorheen polyacanthus) die doornen heeft tot wel 20 centimeter. Maar zonder de snikhete zon heel weinig groei, soms maar een segment per jaar.
Bij de Austrocylinderopuntia’s treffen wij een paar soorten die niet al te hoog worden, deze zijn dus in tegenstelling tot de andere geslachten hier niet vrijwel rond maar echt langwerpig. Deze soorten komen op heel grote hoogte voor.

Waarom heb ik gekozen voor Tephrocactus, en aanverwante soorten?

  • Tephrocactussen maar eigenlijk alle opuntia achtigen, groeien goed.
  • Tephrocactus, maihuenia, pherocactus, en diverse cumulopuntia’s verdragen veel koude
  • Bloemen zijn meestal veel uitbundiger en groter dan bij andere cactussen.